↳ Enter om te zoeken
22 januari 2012

Andere tijden

Friese koe
Bekijk Video
29 min

“In mijn stal lopen de enige zuiver Friese zwartbontkoeien. Die vind je verder nergens”. Veehouder Dirk Endedijk loopt rond op zijn bedrijf in Ermelo. De enige zuiver Friese koeien staan dus in een stal in Gelderland. Het puikje van de Nederlandse fokkerij is afgegleden tot een zeldzaam huisdierras.

Eind 19e eeuw exporteren veehandelaren stieren en koeien naar de Verenigde Staten en Canada. In Noord-Amerika zijn ze onder de indruk van de melkproductie van onze zwartbonten. Veefokkers willen daar een zo hoog mogelijke melkproductie bereiken voor de groeiende Amerikaanse steden. In Nederland willen de veefokkers iets anders.

Veekeuring
Veekeuring

Dubbeldoelkoe

Voor de productie van boter en kaas is het in Nederland belangrijk om een hoog vet- en eiwitgehalte in de melk te hebben. En in Nederland zijn de zwartbonte koeien ook belangrijk voor de vleesproductie. In veel landen is er een groot verschil tussen melkveekoeien en vleeskoeien. In Nederland hebben melkveehouders een ‘dubbeldoelkoe’. En in Nederland is een goede koe een mooie koe. De mooiste koeien en stieren krijgen op drukbezochte veekeuringen de hoogste punten en er wordt gefokt met de stieren die de hoogste punten krijgen.

In de jaren ’50 zijn de veekeuringen grote feestdagen, dikwijls bezocht door leden van het Koninklijk Huis en veehandelaren uit de hele wereld. Nederlandse topfokkers verdienen grof geld met de handel in vee. Maar er zijn ook veefokkers en wetenschappers die vinden dat het fout gaat in de fokkerij. Zo is er een professor in Wageningen, Rommert Politiek. Hij ziet dat de koeien steeds kleiner worden en dat er te weinig wordt gedaan om deze ontwikkeling tegen te gaan.
Ook vindt hij dat er te veel wordt gelet op het uiterlijk van de koe of de stier, en te weinig op de melkproductie.

Dekken van een nepkoe
Dekken van een nepkoe

Kunstmatige Inseminatie

Politiek wil dat er een veel beter fokprogramma wordt ingevoerd waarbij goed gelet wordt op erfelijke productie-eigenschappen van de koe, namelijk melkproductie, eiwit- en vetgehalte. “Ik hield de boeren voor dat ze met een goed fokprogramma de melkproductie stukken hoger konden krijgen. Maar er werd pas laat naar mij geluisterd.”

Na de Tweede Wereldoorlog wordt kunstmatige inseminatie steeds meer ingevoerd in de veefokkerij. KI-verenigingen kopen stieren aan die met de nieuwe techniek veel meer koeien kunnen bevruchten. Uiteraard is het hierdoor ook veel belangrijker welke stieren hiervoor worden gebruikt. In de jaren ’50 zijn dit stieren die hoge punten scoren op de veekeuringen. Mooie beesten, daar is iedereen het over eens. Maar volgens Politiek scoren ze niet altijd even goed op de melkproductie van hun dochters.

Met grote veeteeltproeven in de jaren ’70 in Flevoland probeert Rommert Politiek met zijn collega’s de ogen van de Nederlandse fokkerij te openen. Eerst toont hij aan dat Friese koeien een veel lagere erfelijke productieaanleg hebben dan Noord-Hollandse. Vervolgens voert hij sperma in van Holsteinstieren uit Noord-Amerika. “De Holsteinkruisingen gaven veel meer melk. Geen hoge vetgehaltes, maar beduidend meer melk.” In Nederland is de productieaanleg stilgevallen, maar in Noord-Amerika is steeds doorgefokt op melkproductie. Politiek: “Die Amerikanen, die waren eerder op machinaal melken begonnen en hadden op goed aangesloten, betere uiers geselecteerd. Dus daar hadden ze een voorsprong.”

Moderne stal
Moderne stal

Holsteins

De hogere melkproductie blijft niet onopgemerkt bij internationale veehandelaren. George Ruyter, die jaren lang goede export heeft, verkoopt ineens niks meer buiten Nederland. “Het was absoluut pijnlijk. Dat je je meerdere erkennen moet. Maar goed, je kan je kop wel in het zand steken, maar dat is stom.” Ruyter besluit Holsteinsperma te gebruiken en krijgt daar veel succes mee.

Begin jaren ’80 worden de resultaten bekend gemaakt van een internationale fokkerijproef in Polen. Het wordt een afgang voor het Nederlandse stamboekvee. In melkproductie bungelt Nederland onderaan, samen met gastland Polen. De export komt gierend tot stilstand en ook de veehouders in Nederland willen maar één ding: “Alles onder de Holsteins.” In rap tempo wordt de gehele veestapel in Nederland vervangen door Holsteinkoeien, van 0,7 procent in 1975 naar 95 procent Holstein in 1995.

De FriesHollandse koe is verdwenen. En niet zonder gevolgen.
Klaas Sluis, veehouder in Noord-Holland, heeft jarenlang hoge producties gehaald met zijn Holsteins. Maar hij krijgt er steeds meer problemen mee. “Je zou kunnen zeggen: ze branden zichzelf af.” Veel koeien krijgen vruchtbaarheidsproblemen en last van de benen. De winst in productie gaat op aan ziektekosten. De laatste vijf jaar is Sluis overgestapt op duurzame productie. “Eigenlijk gaan we weer terug naar een meer robuuste, meer solide koe. Zoals die Fries-Hollandse was.”

Research: Maarten Blokzijl
Regie: Matthijs Cats

Uitzending: 22 jan 2012, 21.15 uur, Nederland 2.

Geïnterviewden Bronnen
  • 1
    George Ruyter
  • 2
    Rommert Politiek
  • 3
    Anne Oosterbaan
  • 4
    Klaas Sluis
  • 5
    Henk Vos
  • 6
    Dirk Endendijk
  • 7
    Johan Wiersma
  • De Koe

    De Koe. Het verhaal van het Nederlandse Melkvee 1900-2000. / Bert Theunissen 2010.

  • Melkweg 2000

    Melkweg 2000 / Reimer Strikwerda 1998.

  • Revolutie in het dierenrijk

    Revolutie in het dierenrijk / Reimer Strikwerda 2007.

  • Springplank naar een duurzame toekomst

    Springplank naar een duurzame toekomst. Veertig jaar landbouwkundig onderzoek van Wageningen UR in Flevoland 1970-2010 / Henk Pruntel en Willem van der Ham 2010.

  • Nationaal Veeteeltmuseum

    Nationaal Veeteeltmuseum, Beers.

    Lees meer