Meer verdieping op het gebied van geschiedenis? Kijk op NPOFocus.nl
↳ Enter om te zoeken
3 mei 1947

Herdenking van in de Tweede Wereldoorlog gevallen landgenoten

Dodenherdenking 3 mei 1947
Bekijk Video
3 min

Het verlangen van den Koning

Elke traditie heeft een begin - ook de stilte van één of twee minuten tijdens een collectieve herdenking. De officiële start was in Groot-Brittannië tijdens de eerste herdenking van de Eerste Wereldoorlog, op 11 november 1919. Het idee voor een collectieve stilte zou zijn ontstaan bij de Australiër Edward George Honey en de Zuid-Afrikaan Percy FitzPatrick – onafhankelijk van elkaar trouwens. Honey schreef hierover in mei 1919 een brief in The Times; FitzPatrick benaderde koning George V, die het idee daarna overnam. Op 11 november 1919 heerste er zo voor de eerste keer De Groote Stilte, zoals het in die tijd werd genoemd. Deze traditie is dus ontstaan door een koninklijk besluit.

De Nieuwe Rotterdamsche Courant schreef op 10 november 1919 hoe Londen zich voorbereidde: ‘Er worden groote toebereidselen getroffen, om aan het verlangen van den Koning te voldoen, om morgenochtend elf uur het uur van de sluiting van den wapenstilstand te herdenken door alle werkverkeer en vermaak twee minuten te laten stilstaan.’

Twee uur daarvoor, om negen uur in de ochtend dus, zouden alle openbare klokken in Londen gelijk worden gezet. Precies om elf uur gaven officieren dan op straat het teken dat de twee minuten waren begonnen. ‘Op alle regeeringskantoren, in alle fabrieken en werkplaatsen zal het werk stilstaan, voetgangers op straat zullen blijven staan waar zij zijn. De schepen op zee zijn draadloos gewaarschuwd, ook zij zullen zooveel mogelijk stil gaan liggen. Op groote schepen zal de geheele bemanning in de houding gaan staan. Waarschijnlijk zal ook de telefoon afgezet worden en zullen de telegraaftoestellen twee minuten lang niet tikken. Zelfs de brandweer zal op de een of andere manier aan de herdenking meedoen, maar alarmsignalen kunnen natuurlijk niet genegeerd worden.’

Een plechtig oogenblik

Ondanks dit officiële begin op 11 november 1919 waren er eerder ook al eens collectieve momenten van rouw geweest, waarbij een stilte van één of twee minuten in acht werd genomen. Het zou in 1910 zijn gebeurd bij de begrafenis van de Britse koning Edward. ‘Zeer indrukwekkend was de eerbiedige stilte der gansche menigte’, aldus Het Nieuws van den Dag op 20 mei 1910.

De oudste melding van twee minuten stilte voor de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog is uit mei 1915 – nota bene vanuit Den Haag. In die stad was toen een internationaal congres voor vrouwen, dat grotendeels in het teken stond van de verschrikkingen aan het front. Eén van de spreeksters was Rosika Schwimmer uit Oostenrijk, in die tijd een vooraanstaande pacifist en feminist. ‘Zij bracht het congres onder den indruk van haar woorden,’ noteerde het Bataviaasch Nieuwsblad, 'vooral toen zij verzocht de gesneuvelden en hun treurende vrouwen door één minuut stilte te herdenken. Dat was een plechtig oogenblik.’ Deze stilte was vooral bedoeld als protest tegen de oorlog en met name de Europese leiders die hiervoor de verantwoordelijkheid droegen.

4 mei 1959

Dodenherdenking in Amsterdam

d
Bekijk Video
1 min

Botsende wereldbeelden

Ruim vier jaar later werd de stilte officieel toegevoegd aan het protocol van de herdenking van de Eerste Wereldoorlog. Alhoewel het lijkt alsof hiermee hetzelfde gebeurde als in Den Haag in 1915 was er sprake van botsende wereldbeelden. Schwimmer vroeg namelijk om stilte uit protest tegen de politieke en militaire leiders van de oorlogsmachine. In Groot-Brittannië werd hier vier jaar later juist een zingevend motto aan gekoppeld door dezelfde leiders, die Schwimmer vier jaar eerder hekelde.

De stilte was in 1919 geen protest meer, maar ‘ter herinnering aan de roemrijke dooden.’ De Britse premier zei verder dat de plechtigheid beschouwd moest worden als “een nederig teeken van dankbaarheid aan hen die stierven, opdat wij overvloediger zouden kunnen leven.” De dood van al die Britse soldaten was hiermee niet zinloos meer, maar opgenomen in een nationaal verhaal van vooruitgang.

Schwimmer vroeg dus om stilte uit protest tegen nationalistische ideologieën; de Britten vroegen om stilte als onderdeel van een nationalistische ideologie.

Tot zover de theorie. De praktijk van de stilte wordt tenslotte gemaakt door de mensen, die hieraan meedoen. Volgens een ooggetuige in de Sumatra Post was de plechtigheid van 1919 indrukwekkend: ‘Ik bevond me tegen elf uur op Trafalgar Square en had juist de plechtige processie zien voorbijtrekken, die den Grooten Onbekende, “den man die den oorlog gewonnen heeft", naar zijn laatste rustplaats bracht. Verkeer was er sedert uren niet meer op Londen's mooiste en anders zoo drukke plein, doch duizenden en nog eens duizenden stonden geschaard rondom de Nelson-zuil en op de trappen van de National Gallery.

Dan laat de klok van St. Martin's de eerste van de verbeide elf slagen hooren en nemen alle mannen den hoed af .terwijl iedereen twee minuten onbeweeglijk blijft staan. En ineens is de stilte er, de groote, min of meer beangstigende stilte. Heel Londen, heel Engeland houdt den adem in. Alleen hoort iedereen op Trafalgar Square het vleugelgefladder van een paar duiven.

Dan barst ineens ergens een vrouw in een luid en, door de overigens absolute stilte, akelig snikken uit. “Mijn broer, mijn arme broer, waarom ben je weggegaan? Waarom ben je dood gegaan?" vraagt een door tranen verstikte stem. Er gaat een lichte beweging door de zwijgende menschen. Nog een paar hartstochtelijke snikken en de stilte is weer grooter dan ooit.

Dan zijn de plechtige twee minuten voorbij. Eerst hoor je nog de duizenden mannen hun hoed weer opzetten, maar dan lost alles zich weer op in voetgeschuifel en stemgegons. Het leven gaat weer gewoon zijn gang.’

4 mei 1970

Dodenherdenking 1970

d
Bekijk Video
1 min

Traditie breidt zich uit

Hiermee was de officiële traditie van stilte bij collectieve rouw begonnen, zoals we die nog steeds kennen. Vanaf dat jaar doen de Britten elk jaar hetzelfde op Remembrance Day, de officiële dag waarmee wordt stilgestaan bij de Eerste Wereldoorlog.

In de loop der jaren sloten zich andere landen hierbij aan, zoals Frankrijk in 1921 en Italië in 1922. Elk land deed dat met eigen stijl. Mussolini combineerde de collectieve stilte met fascistische en militaire propaganda - nog meer in tegenspraak met de stilte van 1915 in Den Haag.

De Fransen maakten er aanvankelijk een puinhoop van. In Parijs begon het in 1921 op bescheiden schaal, want alleen de parlementariërs zwegen twee minuten op 11 november. Een poging een jaar daarna om dit met alle Fransen tegelijk te doen, liep helemaal mis. 'De vlieger der instelling van een minuut stilte en inkeer, vanochtend om elf uur, is faliekant geduikeld,' concludeerde de verslaggever van de NRC. ‘In de stad is er niets van te bemerken geweest, op den boulevard roste het verkeer gewoon door. Zoo’n verstrakking, van hooger band bevolen, ligt niet in den Franschen aard. Voordat een Parijsch taxi-bestuurder zonder noodzaak stopt en een minuut onbeweeglijk blijft, moet er veel gebeuren. Eenstemmigheid is daarbij niet te krijgen.’

Ook in Nederland ging de introductie van de nieuwe traditie niet erg soepel. In 1922 werd het geprobeerd bij het Geuzenfeest in Den Briel, waarmee de inname van 1572 werd herdacht. De communistische krant De Tribune wist niet wat het meemaakte: ‘Op het gebied van ordelijkheid hebben wij, Hollanders, nog veel te leeren.’ Net toen de leden van de Koninklijke familie arriveerden op het marktplein voor de plechtige stilte drong het publiek naar voren en brak er een hels kabaal los. ‘De twee minuten stilte waren onder die omstandigheden natuurlijk tot mislukking gedoemd.’

Na de Tweede Wereldoorlog werd de stilte gekoppeld aan de jaarlijkse Dodenherdenking. Al tijdens de oorlogsjaren zelf gebeurde dat op de Nederlandse Antillen en in Suriname op 10 mei – de dag in 1940 dat de oorlog in Nederland begon. Tegenwoordig vindt op 4 mei de twee minuten stilte om 20 uur plaats, wat overigens in het eerste naoorlogse jaar nog om 11 uur ’s ochtends was!

Want zo gaat dat met tradities: ze worden bedacht en passen zich daarna aan de tijd aan. Of ze verdwijnen - dat kan ook nog.

Vragen?

Heeft u vragen, ideeën of opmerkingen?

Neem dan contact op met de redactie: