Nederlandse handen voor Nicaragua
Theo Roncken helpt in 1983 mee met de koffiepluk in Nicaragua. Hij raakt zo geïnspireerd dat hij besluit om zich in het land te vestigen. Door zijn kritische houding raakt hij in conflict met de autoriteiten onder de eerdere revolutionair Daniel Ortega en verliest zijn baan. In 1991 moet hij Nicaragua verlaten.
Map van der Wilden gaat in 1984 voor het eerst naar Nicaragua om daar als vrijwilliger een school te bouwen. Samen met haar vriend Willem Bos besluit ze in de hoofdstad Managua te gaan wonen en te werken. In 1992 keren ze terug naar Nederland.
Haarlemmer Goof van Dormolen gaat vele malen als brigadist naar Nicaragua. Koffieplukken, de in brand gestoken koffieplantage weer opbouwen, huizen in elkaar zetten. In 1988 maakt hij deel uit van een van een bouwploeg naar El Coral, waar hij en tien andere Nederlanders in de nacht worden overvallen door de contra’s.
Ook Jos Algra woont een tijd een Nicaragua en hij ontmoet zijn Mexicaanse vrouw daar. Hij vertelt dat sommige vrijwilligers ervoor kozen een wapen te dragen, om zich te kunnen verdedigen als ze werden aangevallen. En dat gebeurt; zijn beste vriend is daar omgekomen.
Vragen?
Heeft u vragen, ideeën of opmerkingen?
Neem dan contact op met de redactie: