Meer verdieping op het gebied van geschiedenis? Kijk op NPOFocus.nl
↳ Enter om te zoeken
6 februari 2010

Verdacht van terrorisme: Leidse studentes in de cel

Leidse studentes
Bekijk Video
26 min

Op reis in het Midden-Oosten

Palestina Komitee
Margot Heijnsbroek en Paula Witkam studeren in 1974 in Leiden. Ze kennen elkaar van de Leidse Palestina Werkgroep, een organisatie verbonden met het Nederlands Palestina Komitee. In die tijd staat bijna heel Nederland achter de bezettingspolitiek van Israël. Het is niet gemakkelijk om aandacht te vragen voor de situatie van de Palestijnen. Het piepkleine Palestina Komitee wordt wat vreemd aangekeken. In augustus besluiten ze een rondreis te gaan maken door het Midden-Oosten. Ze willen met eigen ogen gaan zien waar ze zich zo intensief mee bezig hebben gehouden.

Damascus
Hun reis begint in Libanon en voert langs Jordanië, Syrië en Libanon. Ze vieren vakantie en bekijken allerlei culturele bezienswaardigheden. In Beiroet bezoeken ze een Palestijns vluchtelingenkamp. Het is er grauw en smerig, er is geen spoor van levensvreugde te bekennen. Beiden zijn erg onder de indruk. In Beiroet treffen ze ook Wim, een vriend en medelid van de Palestinawerkgroep. Hij is getrouwd met de Palestijnse Karimeh en zal een stuk met hen meereizen. Hij regelt dat de studentes in Damascus kunnen logeren bij zijn zwager Georges.

Brief
Ze zullen vanuit Damascus verder reizen naar de Westelijke Jordaanoever om op bezoek te gaan bij hun vriend Wim. Daar zullen ze de verjaardag vieren van zijn zoontje. Op de avond dat ze hun tassen inpakken vraagt Georges of hij ze een brief mag meegeven voor een kennis op de Westelijke Jordaanoever. Hij schrijft de brief in onzichtbare inkt tussen de regels van een limerick in de multomap van Paula. De brief is niet gevaarlijk voor hen, als de brief ontdekt wordt zullen ze hoogstens een paar dagen worden vastgehouden verzekert hij. Margot: ‘Ik wist wel dat Palestijnen geen brieven konden sturen aan hun familie in de bezette gebieden. Zo’n vreemd verzoek vond ik het dus niet.’ De nacht voor vertrek slapen ze slecht.

<p> </p>

Gearresteerd

De Allenby Bridge
Op vrijdag 13 september reizen Margot en Paula per bus richting de Allenby Bridge, de verbinding tussen Jordanië en de Westelijke Jordaanoever. Op de brug moeten ze uitstappen bij de Israelische douane, en achter een houten tafel worden hun paspoorten en bagage bekeken. Met Margots bagage zijn ze snel klaar. Paula’s bagage echter wordt uitvoerig gecheckt. Ook de multomap bladeren ze door. Het lijkt wel of ze precies weten waar ze moeten kijken. Even later zitten Margot en Paula op de vloer van een politiebusje op weg naar Jeruzalem.

De Russian Compound Prison
Na vier dagen eenzame opsluiting beginnen de verhoren. Margot verwacht een spoedige vrijlating, dat heeft Georges hen immers verteld. Ze wordt echter dagenlang meerdere keren verhoord door twee mannen van de militaire politie. Ze zetten haar behoorlijk onder druk. Ze wordt beschuldigd van samenwerking met een verboden organisatie. Haar ondervragers willen weten van wie de brief is, en aan wie die bezorgd moest worden. Een advocaat hebben de meisjes nog steeds niet, ondanks herhaalde verzoeken. Ze horen dat ook Wim is opgepakt.

De ambassadeur
Pas na dertien dagen komt er iemand van de Nederlandse ambassade langs. Henri Everaars is belast met de zaak, en hij vraagt belet aan. Margot: ‘Ik was verbijsterd toen Everaars op bezoek kwam. Ik wilde wc-papier, maandverband, fruit, boeken, oh ja, en een advocaat.’ En dat wordt Felicia Langer, een Israelische mensenrechtenadvocaat. Margot: ‘Felicia vertelde ons dat we waren aangeklaagd voor hulp aan een vijandige organisatie. Later zat ik met een Palestijnse gevangene in de cel en die vertelde dat twee vrouwen van een buitenlandse organisatie waren veroordeeld voor hetzelfde feit tot twintig jaar gevangenisstraf! Toen brak er iets in mij. Ik dacht, als ik hier nog twintig jaar moet zitten… dat overleef ik niet.’

Leidse meisjes veroordeeld

Recept voor een bom

Niet door de beugel
Margot wordt ziek maar de verhoren gaan toch door. De ondervragers leggen haar een verklaring in het Hebreeuws voor. Ze verzekeren haar dat het gaat om een verslag van wat ze heeft verteld tijdens de verhoren en beloven haar snel vrij te laten als ze het ondertekent. Koortsig en moe van het eindeloze verhoren geeft ze uiteindelijk toe, ze zet haar handtekening. Voor het eerst verneemt ze iets over de inhoud van Georges’ brief. Het zou gaan om een handleiding voor het maken van een bom. Ze schrikt enorm. Everaars: ‘Hun ondervragers hebben deze meisjes geïntimideerd, bang gemaakt. Ze hebben gebruik gemaakt van middelen die niet door de beugel konden.’

Proces
11 oktober, de dag van de eerste zitting. Paula en Margot worden met handboeien aan naar de rechtbank in Ramallah gebracht. ‘Die eerste zitting verliep voor mij vreselijk chaotisch’, herinnert Margot zich. 'Onze enige rol was op de vraag van de rechter antwoorden of we schuldig waren. Nee dus.’ Het fijne is dat ze wel even contact hebben met Nederlandse journalisten. Die vragen bezorgd naar hun welzijn. De zaak wordt inmiddels op de voet gevolgd door de Nederlandse pers. Ook worden er Kamervragen gesteld aan Max van der Stoel, minister van Buitenlandse Zaken: Kan de minister opheldering geven over de arrestaties van de meisjes? Kan de minister nagaan of de advocaat de verdediging behoorlijk kan verrichten?

Neve Tirza gevangenis
Na twee dagen worden Paula en Margot verplaatst naar de Neve Tirza-vrouwengevangenis in Ramleh. Het enorme gevangeniscomplex telt twee barakken. Ze worden geplaatst in de Joodse barak. In de andere barak zitten de Palestijnse gevangenen. De tweede zitting op 17 oktober duurt langer en gaat om de geldigheid van de bewijsstukken, zoals de multomap en de verklaringen van Margot en Paula. Bij de derde zitting, 29 oktober, volgt de uitspraak, en die luidt: schuldig. Margot: ‘De rechter ging ervan uit dat wij hadden kunnen weten dat de brief niet onschuldig was. Dat we in feite meewerkten aan een vijandige, tegen de staat Israël gerichte actie.’

De Palestijnen
Ze krijgen dertig maanden gevangenisstraf, waarvan 26 voorwaardelijk. Ze hoeven dus nog maar twee maanden te zitten. De eerste keer dat ze gelucht worden lopen ze aarzelend de barak uit. Margot: ‘Je kon ook naar de Palestijnse barak lopen. Daar stonden twee vrouwen ons op te wachten. Ze wisten wie we waren, en omhelsden ons. Het voelde alsof je een beetje thuiskwam.’ Ze raken er bevriend met een aantal Palestijnse vrouwen en horen hun aangrijpende verhalen. Ze beloven bij thuiskomst een soort zwartboek aan te leggen van de levensverhalen die ze te horen krijgen. Ze zullen dit zwartboek aanbieden bij mensenrechtenorganisaties.

<p> </p>

Weer vrij

Uitgewezen
Op 21 november krijgen ze onverwacht het bericht dat ze uitgewezen worden. Dat betekent wel dat ze het land niet meer in mogen. Margot vertelt het onmiddellijk aan de Palestijnse vriendinnen. Maar die lijken al te weten van hun vrijlating op de een of andere manier. Bij het afscheid krijgen ze gehaakte baretten mee in de kleuren van de Palestijnse vlag. Everaars: ‘Ik heb ze begeleid tot de vliegtuigtrap. Ze zijn op eervolle wijze het land uitgegaan.’ Ze landen op Schiphol en zo kwam er een einde aan alles bij elkaar tweeënhalve maand gevangenschap in Israël. En of de studentes indertijd wat naïef waren of niet, feit is dat er sindsdien veel veranderd is. De Palestijnse zaak wordt tegenwoordig door menigeen behartigd. Een oplossing voor het Israël-Palestinaconflict lijkt echter nog steeds niet dichterbij, en zowel aan Israëlische als aan Palestijnse kant wordt voor het conflict een hoge prijs betaald.

Hoe het verder ging
De Israëlische autoriteiten hebben Wim, die twee weken gevangen heeft gezeten tot persona non grata verklaard. Tot de dag van vandaag is hem de toegang tot Israel en de bezette gebieden ontzegd. Hij kan zijn schoonfamilie dus niet bezoeken. ‘Ik had geen moment verwacht dat mijn zwager zo’n actie met een brief zou ondernemen. Ik wist hoe streng de Israëlische controle was.‘ Tot op heden is niet duidelijk wie de meisjes verraden heeft.

Het contact tussen Margot en Paula verwatert wat als Paula aangeeft dat ze niet meer achter haar ideeën van toen kan staan. Via via hoort Margot op zekere dag dat Paula is overleden door zelfmoord. Ze is 36 jaar geworden. Aisha Odeh, de Palestijnse vriendin die in de uitzending zit, is vrijgekomen bij een gevangenenuitruil met de Oslo-akkoorden. In 2009 heeft Margot een ontmoeting met Georges, de man die hen destijds de brief mee heeft gegeven. ‘Toen ik hem zag was hij een zielig oud mannetje geworden. Hij zei: “I’m sorry for what happened to you and Paula.” Ik dacht, met zo’n mannetje ga ik niet meer in discussie, hij heeft zijn excuses gemaakt. Voor mij is het afgerond.’

Tekst en research: Hannah Dogger
Regie en research: Jacqueline de Bruijn

Bronnen
  • Reisdoel Palestina

    Heijnsbroek, Margot, Reisdoel Palestina, (Breda, 2007).

    Het boek wordt opnieuw uitgebracht met extra hoofdstukken:
  • Twee vrouwen blijven in Israelische gevangenis

    Twee vrouwen blijven in Israelische gevangenis, Het Parool, 5-10-1974.

  • Meisjes in Jeruzalem komen niet in vrijheid

    Meisjes in Jeruzalem komen niet in vrijheid, Het Parool, 11-10-1974.

  • Nederlandse studentes bekennen briefsmokkel

    Nederlandse studentes bekennen briefsmokkel, De Volkskrant, 17-10-1974.

  • Israelische rechter verwerpt bekentenis

    Israelische rechter verwerpt bekentenis, De Volkskrant, 28-10-1974.

  • Nederlandse meisjes krijgen drie maanden

    Nederlandse meisjes krijgen drie maanden, De Volkskrant, 29-10-1974.

  • Leidse studentes in Israel vrijgelaten

    Leidse studentes in Israel vrijgelaten, De Volkskrant, 21-11-1974.

  • Achteraf bezien zijn we erg naief geweest

    ’Achteraf bezien zijn we erg naief geweest’, Het Vrije Volk, 22-11-1974.

  • Archiefdossier Buitenlandse Zaken

    Archiefdossier Buitenlandse Zaken.

Vragen?

Heeft u vragen, ideeën of opmerkingen?

Neem dan contact op met de redactie: